Sfeerbeeld van een homoseksueel stel stapt in het huwelijk bij tekst over LHBTI en mensenrechten
Dossier

LHBTI

Ben je lesbisch, homoseksueel, biseksueel, transgender of heb je een intersekse conditie? Dan kan het zijn dat je gediscrimineerd wordt. Want hoewel Nederlanders steeds positiever zijn over LHBTI’ers, komen pesterijen, intimidatie en kwetsend gedrag nog steeds voor. Iedereen heeft in Nederland dezelfde rechten. Het College beschermt de rechten van mensen die met dit soort discriminerende situaties te maken krijgen.

LHBTI: over welke groep gaat het?

LHBTI staat voor lesbische vrouwen (L), homoseksuele mannen (H), biseksuelen (B), transgenders (T) en mensen met een intersekse conditie (I). De betekenis van de LHB-groep is inmiddels algemeen bekend in Nederland. Dat geldt in mindere mate voor transgenders en mensen met een intersekse conditie. Transgenders zijn mensen die een verschil ervaren tussen hun beleving of expressie van gender en het geslacht dat hen bij de geboorte is toegekend. Mensen met een intersekse conditie zijn geboren met een lichaam dat biologisch gezien niet voldoet aan de standaard definitie van vrouw of man. 

Steeds positiever over LHBTI’ers

Nederland behoort tot de landen in Europa die het meest positief zijn over LHBTI’ers. In 2006 was 15% van de Nederlanders negatief over homo- en biseksualiteit. Nu is dat gedaald tot 7%. Over transgenders denkt 10% van de Nederlanders negatief. Deze houding tegenover LHBTI’ers is in alle groepen van de bevolking te zien. Ook bijvoorbeeld religieuze personen of ouderen zijn steeds positiever. Desondanks krijgen mensen uit de LHBTI-groep nog regelmatig te maken met problemen. Op het werk bijvoorbeeld. Maar ook in het onderwijs, de openbare ruimte en woonomgeving, bij het uitoefenen van sport of in de zorg worden LHBTI’ers niet altijd gelijk behandeld. 

LHBTI en werk

De problemen van homoseksuelen en biseksuelen op het werk hebben te maken met vervelende opmerkingen of grapjes die verwijzen naar hun seksuele voorkeur. Het is niet altijd echte discriminatie, maar het wordt wél als kwetsend ervaren. Transgenders zijn vaak sociaal geïsoleerd, werkloos of werken onder hun niveau. Ook durven ze op hun werk niet altijd zichzelf te zijn. Ze werken regelmatig onder hun opleidingsniveau, de arbeidsuitval is hoog en ze zijn relatief vaak arbeidsongeschikt. Mensen met een intersekse conditie durven vaak niet open te zijn over hun conditie.

LHBTI en onderwijs

Ook op school krijgen LHBTI’ers regelmatig te maken met pestgedrag en discriminatie. Dit geldt zowel voor docenten als voor leerlingen. Voorlichting over seksuele diversiteit op scholen is om die reden sinds 2012-2013 verplicht. Veel scholen vinden het belangrijk om de acceptatie van LHBTI’ers te bevorderen. Dit kan bijvoorbeeld door seksuele diversiteit een verplicht onderdeel te maken van docentenopleidingen. Gelukkig is het aantal jongeren dat uitingen van homoseksualiteit afkeurt de laatste jaren sterk gedaald.

LHBTI en sport

Wat doe je met omkleden en douchen? En wat zeg je over kwetsende opmerkingen van je sportteamgenoten? Veel transgender personen vinden het moeilijk om te gaan sporten. Dit geldt in mindere mate ook voor LHB’ers. Er zijn nauwelijks verschillen tussen LHB’ers en hetero’s in hoeveelheid sporten en bewegen. Maar heteroseksuelen (met name mannen) sporten vaker in clubverband dan LHB’ers. Het aangaan van een clublidmaatschap vormt toch een drempel omdat men bang is voor pestgedrag en negatieve reacties van club- en teamgenoten. Homoseksuele teamsporters die zich eenmaal hebben aangemeld voelen zich over het algemeen juist wel geaccepteerd in hun team.

LHBTI en zorg

LHBTI’ers hebben net als iedereen recht op goede zorg. Die is nu niet altijd voldoende voor handen. Voor dit probleem heeft het College aandacht gevraagd bij de overheid. Andere problemen zijn de lange wachtlijsten voor deskundige zorg voor transgenders en mensen met een intersekse conditie. Ook moet de behandeling van álle geslachtskenmerken voor transgenders worden vergoed. Ander punt van aandacht: om baanbehoud en kansen op banen voor transgenders te bevorderen is transitieverlof (net zoals zwangerschapsverlof voor zwangere vrouwen) mogelijk een oplossing.

LHBTI en wonen

Er zijn in Nederland weinig verschillen in leefstijl tussen bijvoorbeeld LHB’s en heteroseksuelen. Toch voelen veel LHBTI’ers zich niet veilig in hun woonomgeving. Vaker dan hetero’s krijgen ze te maken met negatieve reacties, uitsluiting, pesten of geweld als zij zichzelf willen zijn. De woningbouwvereniging voldoet niet altijd aan haar plicht om te zorgen voor een discriminatievrije woonomgeving. Vooral transgenders vinden het lastig om zichzelf te laten zien zoals ze zijn uit angst voor negatieve gevolgen, onzekerheid en schaamte.

     

    Wil je iets kwijt over dit onderwerp?