Schoon, gezond en duurzaam leefmilieu

De Verenigde Naties heeft in 2022 het recht op een schone, gezonde en duurzame leefomgeving als mensenrecht erkend. Dat is een belangrijke mijlpaal. De Raad van Europa roept lidstaten op om dit recht vast te leggen in hun nationale recht. Nederland heeft dit nog niet gedaan. De Raad van Europa benadrukt het belang van dit recht, omdat het een voorwaarde is voor de uitoefening van andere mensenrechten. En omdat groeiende klimaatverandering inmiddels grote invloed heeft op dit recht. 

Het recht op een schone, gezonde en duurzame leefomgeving is erg breed en raakt aan verschillende mensenrechten. Zo kan wateroverlast of hitte het recht op gezondheid schenden, of zelfs het recht op leven als mensen daarbij overlijden. Door klimaatverandering worden bepaalde plekken onbewoonbaar en moeten mensen verhuizen naar een andere plek, of zelfs naar een ander land. Dat raakt het recht op privéleven en gezinsleven. Ook als mensen in de buurt wonen van een fabriek met giftige uitstoot, geluidsoverlast hebben van een vliegveld in de buurt of aardbevingsschade hebben als gevolg van gasboringen, wordt het recht op een schone, veilige en duurzame leefomgeving geraakt. De overheid is verplicht om dit recht te beschermen. 

Actualiteit

Op 21 juli 2022 heeft het Mensenrechtencomité van de Verenigde Naties (VN) geoordeeld dat Australië mensenrechten van de inheemse bevolkingsgroep heeft geschonden door te weinig te doen tegen de gevolgen van klimaatverandering: ernstige overstromingen, die hun traditionele leefomgeving verwoesten. Door niet voldoende maatregelen te nemen, schendt Australië hun recht als minderheid hun eigen cultuur te beleven.

Ook in Nederland zien we de gevolgen en dreiging van klimaatverandering. Mensen verliezen hun huizen en gewassen of komen zelfs om het leven door overstromingen, stormen en hittegolven. Uit een onderzoek van de Vrije Universiteit in opdracht van Greenpeace blijkt dat klimaatverandering een grote impact heeft in Caribisch Nederland. Zo bestaat er een risico dat een vijfde van Bonaire eind deze eeuw in zee verdwijnt door een stijgende zeespiegel als gevolg van klimaatverandering. 

De overheid moet maatregelen nemen tegen klimaatverandering

Klimaatverandering heeft dus allereerst impact op het recht op een schone, gezonde en duurzame leefomgeving. Maar dit geldt nog voor meer mensenrechten: het recht op leven en het recht op bescherming van de persoonlijke levenssfeer. De overheid is daarom verplicht om burgers te beschermen tegen de negatieve gevolgen van klimaatverandering. Ook als niet zeker is dat risico’s van klimaatverandering uitkomen, is de overheid verplicht om preventief maatregelen te nemen. Daarbij heeft de overheid wel keuzevrijheid, zolang de maatregelen redelijk en geschikt zijn.  

Nationale en internationale zaken

Steeds vaker vragen individuen of belangenorganisaties een oordeel aan een nationale rechter of internationale toezichthouder of de overheid genoeg doet.

De Hoge Raad – een van de hoogste rechters in Nederland – oordeelde dat de Nederlandse overheid de uitstoot van broeikasgassen in Nederland met 25% moet verminderen ten opzichte van 1990 voor het einde van 2020. De zaak was ingediend door klimaatorganisatie Urgenda. In 2020 werd dit doel behaald, maar in 2021 niet. 

Er zijn verschillende klimaatzaken aanhangig bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Zo hebben zes Portugese jongeren een klacht ingediend tegen 33 staten die partij zijn bij het EVRM. Zij klagen dat deze staten niet genoeg doen tegen de bedreiging die klimaatverandering vormt voor hun leven en hun fysieke en mentale welzijn. Het Hof heeft de zaak met prioriteit in behandeling genomen.

In een andere zaak heeft een groep oudere vrouwen een klacht ingediend tegen Zwitserland. Hun klacht houdt in dat Zwitserland niet genoeg doet om broeikasgassen te verminderen. Dat leidt tot levensbedreigende hittegolven, in strijd met hun recht op leven en hun recht op een privéleven. Daarnaast doen zij een beroep op artikel 14 van het Europees mensenrechtenverdrag, het verbod op discriminatie, omdat oudere vrouwen een hoger risico lopen tijdens zulke hittegolven. 

Ook bedrijven hebben verantwoordelijkheid

Ook bedrijven hebben een verantwoordelijkheid om ‘passende actie’ te ondernemen tegen alle feitelijke en potentiële negatieve gevolgen die hun activiteiten op mensenrechtengebied kunnen hebben. Zo heeft de Rechtbank Den Haag olieconcern Shell in 2021 verplicht tot een CO2-reductie van de eigen organisatie, toeleveranciers en afnemers. CO2-uitstoot draagt namelijk bij aan gevaarlijke klimaatverandering. De rechtbank leidt uit internationale normen af dat mensenrechten ook bescherming bieden tegen (de gevolgen van) gevaarlijke klimaatverandering. 

Aandacht voor kwetsbare mensen

Het recht op een schone, gezonde en duurzame leefomgeving raakt ons allemaal. Tegelijkertijd worden sommige mensen harder geraakt dan anderen. Het risico op een schending van dit recht is groter voor mensen die in een slecht geïsoleerde woning wonen, in een overstromingsgebied, of in de buurt van een fabriek die giftige stoffen uitstoot. Mensenrechten vereisen dat er in het bijzonder aandacht is voor mensen in kwetsbare posities. Het recht op non-discriminatie houdt in dat de overheid zich inzet om ongelijkheden aan te pakken, zodat iedereen van zijn rechten gebruik kan maken. De overheid moet daarom rekening houden met mensen in een kwetsbare positie. De overheid moet bijvoorbeeld voorkomen dat mensen maatregelen tegen klimaatverandering niet kunnen betalen, waardoor zij in armoede terechtkomen.