Toegelicht

Afluisteren en privacy

18 november 2013 - Laatste update 26 januari 2016

Het afgelopen jaar is enigszins inzichtelijk geworden hoeveel data de NSA - het Amerikaanse Bureau Nationale Veiligheid – heimelijk verzamelt.

Afluisteren en privacy

Wat speelt er?

Het gaat om gegevens van staatshoofden, regeringsleiders en officiële vertegenwoordigers in andere landen, maar ook van gewone burgers. In het eerste geval gaan de discussies vooral over de internationale betrekkingen tussen staten, en de vertrouwensbreuk die dreigt te ontstaan. In het tweede geval, bij het verzamelen van gegevens van burgers, kunnen de mensenrechten in het geding zijn, omdat het gaat om een inbreuk op de persoonlijke levenssfeer.

Eind oktober berichtten media dat documenten van Edward Snowden lieten zien dat de NSA in een maand tijd in Nederland 1,8 miljoen telefoongesprekken heeft afgetapt. Minister Plasterk heeft op 31 oktober 2013 een brief aan de Tweede Kamer gestuurd, waarin hij bevestigt dat de NSA ook gegevens over Nederland heeft verzameld. Op basis van informatie van de NSA meldt Plasterk de Tweede Kamer dat het alleen om metadata gaat. Dat zijn gegevens over wie met wie, en wanneer, belde of sms’te, het zou niet om de inhoud van de communicatie gaan.

Een veel gehoorde rechtvaardiging is dat de inbreuk op privégegevens alleen problematisch zou zijn voor mensen die iets te verbergen hebben. Het vertrouwen in de overheid is hiermee als een vaststaand feit gepresenteerd. Natuurlijk is het een goed teken als mensen een inbreuk in hun privéleven niet erg vinden omdat ze de overheid volledig vertrouwen. Het grote vertrouwen kan afnemen als de overheid steeds meer gegevens verzamelt, opslaat en hier vervolgens onzorgvuldig mee omgaat. Juist om het vertrouwen in de overheid niet te ondermijnen is het van belang zorgvuldig met gegevens om te gaan, binnen de kaders van de wet.

De betrokkenheid van veiligheidsdiensten kan rechterlijke toetsing problematisch maken. Een hoorzitting van het Amerikaanse Congres illustreert dit. Keith Alexander, directeur van de NSA stelde dat de NSA een groot aantal terroristische aanslagen heeft voorkomen. Hij kon echter niet aangeven welke rol de verzamelde metadata daarbij hadden gespeeld; vanwege de vertrouwelijkheid van informatie is de effectiviteit van de praktijken dan ook niet goed te controleren.

Mensenrechten

Het recht op de bescherming van privacy is vastgelegd in de Nederlandse Grondwet (artikel 10), het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (artikel 8) en het Internationaal Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke Rechten (artikel 17). Privacy is niet onaantastbaar. De wet kan voorzien in beperkingen. Deze moeten dan wel een legitiem doel dienen, noodzakelijk zijn om dat doel te bereiken, en proportioneel zijn. Beperkingen die bij wet zijn geregeld, mogen in de praktijk niet willekeurig worden toegepast. Bovendien moeten burgers verhaal kunnen halen als zij vinden dat zij ten onrechte in hun privacy zijn aangetast. Afspraken die de Nederlandse overheid met de Verenigde Staten wil maken over de werkzaamheden van de geheime diensten, moeten de mensenrechtentoets kunnen doorstaan.

De bescherming van de nationale veiligheid, waar de bestrijding van terrorisme onder valt, is een de legitieme doelen waarvoor inbreuken op privacy mogelijk zijn. Dat is een belangrijke verantwoordelijkheid van de overheid, waarbij samenwerking met andere landen nodig is. Ook bij intensieve samenwerking met andere landen blijft de Nederlandse overheid verantwoordelijk voor de bescherming van de privacy van mensen in Nederland. Dat betekent dat Nederland – en de andere Europese landen – de regie in handen moeten houden over wat er binnen de Nederlandse rechtsmacht gebeurt.

Het vereiste dat inbreuken ‘bij wet’ moeten zijn geregeld, betekent onder meer dat de afspraken die de Nederlandse overheid met de VS maakt heel precies moeten zijn. Het moet duidelijk zijn tot welke informatie de VS onder welke voorwaarden toegang heeft, en wat er vervolgens mee gebeurt. Slaat de Amerikaanse overheid de gegevens op? Zo ja, met wel doel en voor hoe lang? Dat een beperking op privacy niet willekeurig mag zijn, betekent onder meer dat een besluit tot het verzamelen van gegevens niet slechts mensen met een Arabisch klinkende achternaam mag betreffen. Een andere belangrijke toets is de voorwaarde van noodzakelijkheid. Is het voor de bescherming van de nationale veiligheid daadwerkelijk noodzakelijk dat de gegevens van zoveel mensen over zo’n periode verzameld worden? Voorop moet blijven staan dat de overheid inbreuken op rechten altijd moet minimaliseren. Het vrijheidsrecht staat voorop, in dit geval het recht niet te worden bespied door de eigen overheid of een vreemde overheid.

Maatregelen die inbreuk maken op privacy moeten proportioneel zijn. De ernst van de inbreuk moet in redelijke verhouding staan tot het doel dat de overheid nastreeft. Dat is uiteraard een lastige afweging in de praktijk, maar wel een cruciale. Bij het beoordelen van de proportionaliteit van een maatregel speelt het criterium van effectiviteit mede een rol. Dit aspect is moeilijk toetsbaar door de rechter, omdat veiligheidsdiensten niet al hun werkwijzen en de uitkomsten hoeven prijs te geven vanwege de bescherming van de veiligheid.

In de media

Datum

Titel artikel Bron
24-10-2013The NSA's Big Terrorism Claim Doesn't Hold Up Huffington Post
31-10-2013Plasterk: inhoud Nederlandse telefoontjes niet bewaard door NSA NRC
31-10-2013Dit is wat we nu weten over de NSA. De onthullingen op een rijtje NRC
15-11-2013Onnodig tappen dient inderdaad geen doel Trouw
18-11-2013Dossier afluisterpraktijken NSA Volkskrant
18-11-2013Dossier Nu.nl
18-11-2013Meer over afluisterpraktijken NSA AD

Wil je iets kwijt over dit onderwerp?