Tien jaar nadat het VN-verdrag handicap in Nederland ging gelden, ervaren mensen met een beperking nog altijd dat ze niet volledig kunnen meedoen op het gebied van werk, zorg, onderwijs en sociale participatie. Daarnaast staat voor veel van hen de financiële zekerheid onder druk. Tegelijkertijd geeft bijna een op de vier aan het gevoel te hebben niet mee te tellen in de samenleving. Dat blijkt uit nieuw onderzoek van het College voor de Rechten van de Mens onder ruim 1.800 Nederlanders met een beperking. Het College benadrukt dat meer inspanningen nodig zijn om de doelstellingen van het verdrag te realiseren.
Beeld: © ANP / Co de Kruijf/ANP
Met het VN-verdrag handicap heeft de overheid bewust de verplichting op zich genomen om toe te werken naar een samenleving waarin mensen met een beperking gelijkwaardig kunnen deelnemen. Hoewel de afgelopen jaren stappen zijn gezet om de situatie te verbeteren, blijft de praktijk volgens het College achter bij de beloften. Als onafhankelijk toezichthouder op het verdrag adviseert het College de overheid.
Uit het onderzoek blijkt onder meer dat:
- Meer dan een kwart (27%) van de Nederlanders met een beperking geen gelijke kansen ervaart op de arbeidsmarkt;
- Een derde (33%) veel moeite moet doen om passende hulp of zorg te krijgen;
- Een kwart (25%) vindt dat hun onderwijsinstellingen niet voldoende aanpassingen doen om de opleiding goed te kunnen volgen;
- De helft (51%) minder sociale activiteiten onderneemt dan ze willen;
- Ruim een derde (35%) zich zorgen maakt of ze genoeg geld hebben in de toekomst;
- 90 % van de mensen met een beperking het VN-verdrag handicap niet kent of niet weet wat het inhoudt.
Bestaanszekerheid in het geding
Volgens het College stapelen de problemen voor mensen met een beperking zich op. Naast drempels op het werk, in de zorg, in het onderwijs en op het gebied van sociale participatie, hebben zij ook te maken met financiële onzekerheid, zo blijkt uit het onderzoek. Ruim een derde (35%) maakt zich zorgen over hun eigen financiële toekomst.
“Voor veel mensen met een beperking gaan geldzorgen verder dan alleen een tekort aan inkomen,” zegt prof. dr. Rick Lawson, voorzitter van het College voor de Rechten van de Mens. “Het gaat over concrete zorgen rondom het korten van uitkeringen, stijgende zorgkosten, toeslagen of de kosten van hulpmiddelen waar zij afhankelijk van zijn. Juist omdat mensen met een beperking op meerdere vlakken tegelijk drempels ervaren, stapelen zorgen zich vaak op.”
Naleving VN-verdrag handicap
Naleving VN-verdrag handicap Het realiseren van een inclusieve samenleving is een belangrijke taak van de overheid. Eén op de vijf mensen met een beperking vindt dat de overheid momenteel genoeg doet om gelijke deelname aan de samenleving mogelijk te maken. Een groot deel van de respondenten geeft aan dat zij of andere mensen met een beperking momenteel niet betrokken worden bij de ontwikkeling van (lokaal) beleid. Dat gebeurt nu onvoldoende, stelt het College. Hier ligt een kans voor de overheid om mensen met een beperking beter te informeren over de rechten die zij hebben en hen te betrekken bij de totstandkoming van beleid en wetgeving.
“Na tien jaar VN-verdrag handicap zien we dat de ambities van het verdrag nog onvoldoende zichtbaar zijn in het dagelijkse leven van mensen met een beperking. Dat blijkt ook uit kritiek van de VN, die zich zorgen maakt over onder andere het hoge armoederisico onder mensen met een beperking. De overheid moet ervoor zorgen dat de rechten van mensen met een beperking vooruitgaan, en niet achteruit,” aldus Lawson.
Over het VN-verdrag handicap
Het VN-verdrag handicap is een mensenrechtenverdrag van de Verenigde Naties dat de rechten van mensen met een beperking beschermt en bevordert. Nederland ratificeerde het verdrag in 2016. Het verdrag verplicht de overheid om ervoor te zorgen dat mensen met een beperking gelijkwaardig kunnen deelnemen aan de samenleving. Het verdrag gaat onder meer over toegankelijk onderwijs, werk, openbaar vervoer, zorg, wonen, digitale toegankelijkheid en deelname aan het sociale en culturele leven. Ook bepaalt het verdrag dat mensen met een beperking actief betrokken moeten worden bij beleid en besluitvorming die hen raakt. Het College voor de Rechten van de Mens is in Nederland toezichthouder op de uitvoering van het VN-verdrag handicap en monitort de naleving ervan.
Over het onderzoek
Het belevingsonderzoek is in 2026 uitgevoerd door onderzoeksbureau Ipsos I&O in opdracht van het College voor de Rechten van de Mens. In totaal vulden 1.864 mensen met een beperking (langdurige fysieke, psychische of zintuiglijke beperking) de digitale vragenlijst in. De inhoud hiervan is samengesteld in samenwerking met de klankbordgroep van het College voor de Rechten van de Mens. Om ook het perspectief van mensen met een (licht) verstandelijke beperking te borgen, zijn de resultaten aangevuld met bestaande data van Nivel (panel Samen Leven).