Stagediscriminatie in het MBO vraagt om een stevige en structurele aanpak

30 augustus 2018 - Laatste update 30 augustus 2018

Het College voor de Rechten van de Mens is verheugd dat minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, Van Engelshoven in haar brief aan de Kamer de urgentie erkent om stagediscriminatie in het MBO uit te bannen. Ook onderschrijft het College haar mening over het belang van het trainen van werkgevers voor het selecteren van stagiaires zonder vooroordelen. Werkgevers onderkennen namelijk nog niet altijd hun verantwoordelijkheid bij het tegengaan van stagediscriminatie. Wel vindt het College dat de aanpak zoals voorgesteld door de minister steviger en structureler kan, en dat onderwijs over mensenrechten daarbij een noodzakelijke aanvulling is, zodat studenten hun rechten beter kennen. Hierover wil het College graag met de minister in gesprek.

Sfeerbeeld van een leerling met en een leerling zonder hoofddoek achter de computer

Discriminatie bij het vinden van een stageplek

Lid College voor de Rechten van de Mens, Nicola Jägers: “MBO’ers met een niet-westerse achtergrond vinden nog steeds moeilijker een stageplek dan MBO’ers met een autochtone achtergrond. Bij het College zien we dat discriminatie hier een rol speelt, en dat is ontoelaatbaar. Niet alleen ontneemt stagediscriminatie jongeren het recht op een gelijke behandeling, ook belemmert het hen in hun verdere loopbaanontwikkeling, zoals de minister ook opmerkte. Werkgevers spelen een cruciale rol bij het tegengaan van stagediscriminatie.”

Training Selecteren zonder Vooroordelen

Discriminatie bij werving en selectie van medewerkers of stagiaires komt nog steeds voor, terwijl werkgevers wettelijk verantwoordelijk zijn om voor een discriminatievrije toegang tot stage en werk te zorgen. Het College geeft met de training ‘Selecteren zonder vooroordelen’ voorlichting hierover aan werkgevers in zowel de profit als de non-profit sector. Na de training weten werkgevers hoe hun werving en selectie zo objectief mogelijk ingericht kan worden. Dat vermindert de invloed van (onbewuste) stereotyperingen op de selectie van nieuwe werknemers en stagiaires. 

Daarnaast is er in de training van het College aandacht voor de wettelijke regels bij het werven en selecteren. Recente voorbeelden van medewerksters die vanwege hun hoofddoek afgewezen dan wel ontslagen werden, onderstrepen het belang hiervan.  Werkgevers stellen, met een beroep op de uitspraken van het Hof van Justitie van de EU, dat zij van hun medewerkers in klantencontact een ‘neutrale uitstraling’ zouden mogen verlangen. Het College ontvangt deze signalen ook van MBO-stagiaires. Om die reden gaf het College dit voorjaar scholen en studenten voorlichting over de strenge voorwaarden en regels die hierbij gelden en dat de uitspraken van het Hof allesbehalve een vrijbrief zijn om medewerksters en stagiaires met een hoofddoek te weigeren dan wel te ontslaan.

Studenten niet goed bekend met hun rechten

Jongeren melden stagediscriminatie nog te weinig, ondanks de oproep van tal van organisaties. Dit heeft er onder meer mee te maken dat jongeren niet goed bekend zijn met hun rechten. Daarom vindt het College het van groot belang dat jongeren hun rechten kennen en vaardigheden ontwikkelen om voor hun en andermans rechten op te komen. Het College pleit daarom voor structureel onderwijs over mensenrechten. Zolang jongeren hun rechten niet kennen, blijft het herkennen van discriminatie moeilijk en heeft een oproep tot melden van discriminatieklachten geen effect. Hierdoor blijven discriminatie-ervaringen ongezien en niet gehoord.