Comité van ministers bevestigt mensenrechtenschending Nederland

16 april 2015 - Laatste update 27 januari 2016

Nederland schendt de mensenrechten van ongedocumenteerde vreemdelingen door ze niet te voorzien van voedsel, kleding en onderdak. Dat oordeelde het Comité bij het Europees Sociaal Handvest (ESH) al in november vorig jaar. Het Comité van ministers van de Raad van Europa laat deze beslissing in haar Resolutie van afgelopen woensdag in stand. Helaas dringen de Ministers niet aan op directe naleving van deze uitspraak. Hierdoor zijn ongedocumenteerden in Nederland nog steeds niet zeker van bed, bad en brood. Vanuit mensenrechtelijk oogpunt moet Nederland aan ongedocumenteerde vreemdelingen ten minste een veilige plek om te slapen en drie maaltijden per dag bieden om noodsituaties te voorkomen. De aanzuigende werking – waar de Staatssecretaris voor vreest – kan geen rol spelen in de beslissing mensenrechten al dan niet na te leven.

Comité van ministers bevestigt mensenrechtenschending Nederland

Wat moet Nederland nu minimaal doen?

Mensenrechten zijn niet onderhandelbaar. Deze rechten bieden alle mensen, ongeacht hun verblijfsstatus, een vangnet om enige vorm van menswaardig bestaan mogelijk te maken. Ongedocumenteerden hebben recht op onderdak en drie maaltijden per dag. Aan toegang tot deze voorzieningen mag de overheid geen voorwaarden stellen, zoals de eis om mee te werken aan vertrek naar het land van herkomst. Soms bevinden ongedocumenteerden zich in situaties waarin een veilige plek om te slapen en drie maaltijden per dag niet voldoende zijn om een persoonlijke noodsituatie te voorkomen. Bijvoorbeeld omdat ze ziek zijn. In zo’n geval moet de overheid meer doen. Ook externe factoren zoals bijvoorbeeld het weer kunnen de overheid verplichten meer te bieden. Onlangs nog verbood de rechter de ontruiming van de Vluchtgarage vanwege het koude weer. Enkel nachtopvang vond de rechter onvoldoende.

Is het minimale genoeg?

Door enkel het minimale te bieden zwerven ongedocumenteerden een groot deel van de dag op straat. Hierdoor ontbreekt een veilige omgeving om na te denken over en te werken aan terugkeer. Naast de vraag of dit wenselijk is, kan het ook noodsituaties veroorzaken. Door meer te doen dan het minimum voorkomt Nederland dat noodsituaties überhaupt ontstaan. Het College voor de Rechten van de Mens verwacht van een land als Nederland, waarin de levensstandaard sowieso al hoog ligt, meer ambitie dan het absolute minimum waartoe zij vanuit humaan oogpunt verplicht is. Vreemdelingen die zijn uitgeprocedeerd, hebben de plicht om Nederland te verlaten. Maar zo lang dat niet is gelukt, heeft de overheid de zorg over hen.

Wat staat er in de verdragen?

De uitspraak van het Comité van het ESH is in lijn met mensenrechtenverplichtingen die Nederland op grond van andere verdragen heeft. Bijvoorbeeld het Internationaal Verdrag inzake economische, sociale en culturele rechten (IVESCR). Het Comité bij dit laatste verdrag veroordeelde Nederland al eerder voor het feit dat ongedocumenteerden geen recht hebben op voedsel, kleding en onderdak. Anders dan het ESH, ziet het IVESCR expliciet op mensen die niet rechtmatig in Nederland verblijven.