Niemand wil op straat slapen, bedelen of buiten zijn behoefte doen. Toch zijn er dak- en thuisloze mensen die dit noodgedwongen doen, omdat zij geen andere plek hebben. Hiervoor worden nog steeds boetes opgelegd. Veel gemeenten zien liever geen boetes voor deze activiteiten. Tegelijkertijd willen gemeenten de openbare ruimte leefbaar houden voor iedereen. Het College voor de Rechten van de Mens biedt vier praktische handvatten voor een menswaardige aanpak.

Beeld: © Het Beelddepot / Robin Alysha Clemens

Jeroen ligt in het Lepelenburg op een stoel. Dit is een plek waar hij soms slaapt of naar de sterren kijkt. Hij neemt altijd de middelste stoel, dan kunnen mensen hem minder makkelijk besluipen zonder dat hij het door heeft.

Overlevingsactiviteiten worden nog steeds beboet

Dak- en thuisloze mensen slapen, bedelen of doen hun behoefte vaak noodgedwongen buiten. In veel gemeenten zijn deze overlevingsactiviteiten verboden en worden er nog steeds boetes voor opgelegd. In 2025 werd alleen al voor buitenslapen ruim 1.100 keer een boete geregistreerd, voor een totaalbedrag van ruim 196.000 euro. Ook recent onderzoek van de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) naar lokale regelgeving laat zien dat verboden op overlevingsactiviteiten bijdragen aan de criminalisering van dakloosheid in Nederland.

Boetes zijn niet menswaardig en niet effectief

Het verbieden en beboeten van overlevingsactiviteiten kan leiden tot de schending van verschillende mensenrechten. Zo wordt het recht op een behoorlijke levensstandaard geschonden wanneer mensen die geen reëel alternatief hebben, worden gecriminaliseerd en beboet voor activiteiten die nodig zijn om in hun dagelijkse levensbehoeften te voorzien.

Deze boetes zijn bovendien niet effectief. Uit kwalitatief onderzoek dat in opdracht van het College is uitgevoerd in tien gemeenten, blijkt dat professionals uit het zorg- en veiligheidsdomein zien dat boetes mensen verder in de problemen brengen. Boetes leiden niet tot gedragsverandering, kunnen schulden vergroten en het vertrouwen in de overheid en hulpverlening ondermijnen.

Boete is geen oplossing. Dat leidt tot stapelen van schulden en stress, en tot mensen die zich opgejaagd en vernederd voelen. Je ziet dat beboeten leidt tot bijzonder gedrag, opgejaagd gedrag, meer wantrouwen, meer ontregeld optreden.

Directeur van Ervaring die Staat, geïnterviewd voor het onderzoek

Vier praktische handvatten voor gemeenten

Het onderzoek dat in opdracht van het College is uitgevoerd, laat zien hoe gemeenten omgaan met overlevingsactiviteiten en welke lessen de praktijk biedt. Onderzoekers spraken hiervoor met betrokkenen uit tien gemeenten, onder wie beleidsmedewerkers, professionals uit de hulpverlening en handhaving, en mensen met (ervarings)kennis van dakloosheid.

Op basis van het onderzoek biedt het College vier praktische handvatten voor een menswaardige omgang met dak- en thuisloze mensen, zonder boetes voor overlevingsactiviteiten. Een menswaardige aanpak vraagt om inzet op al deze punten.

  • Breng lokale regelgeving in lijn met mensenrechten
    Eén noodzakelijke verandering is het schrappen van het buitenslaapverbod. In veel gemeenten staan nog verboden voor overlevingsactiviteiten in de lokale regelgeving (APV). Dak- en thuisloze mensen mogen niet worden beboet voor slapen in de openbare ruimte, omdat slapen een dagelijkse levensbehoefte is.
     
  • Investeer in laagdrempelig contact
    Investeer in veldwerk en ambulante hulpverlening en zorg voor tijd en continuïteit. Werk samen vanuit het zorg- en veiligheidsdomein en benut ervaringskennis om contact en vertrouwen op te bouwen.
     
  • Leg de basis voor een menswaardige omgang
    Beleg huisvesting en dakloosheid bij één wethouder. Betrek mensen met ervaringskennis structureel en zorg voor voldoende kennis over dakloosheid. Bied ook voor voldoende basisvoorzieningen, zoals gratis openbare toiletten.
     
  • Blijf werken aan het voorkomen van dakloosheid
    Werk aan passende en betaalbare huisvesting en voorkom huisuitzettingen. Zorg voor kwalitatieve 24-uursopvang voor mensen die toch dak- en thuisloos raken. Met snel uitzicht op een eigen woonplek en waar nodig ondersteuning.

Gemeenten staan voor een gezamenlijke opgave

Verschillende gemeenten zijn gestopt met het beboeten van buitenslapen of werken aan het schrappen van een buitenslaapverbod. Tegelijkertijd maken gemeenten zich zorgen over de leefbaarheid en de mogelijkheid om tegen overlast op te treden. De burgemeesters van Rotterdam, Amsterdam, Utrecht en Den Haag (G4) en de VNG hebben deze zorgen gezamenlijk onder de aandacht gebracht van van het kabinet en de Tweede Kamer.

Het College neemt deze zorgen serieus. Gemeenten willen een openbare ruimte die leefbaar is voor iedereen en waarin zij kunnen optreden tegen concrete overlast. Een menswaardige behandeling van dak- en thuisloze mensen is daarbij essentieel. Waar sprake is van concrete overlast, kunnen gemeenten handhaven. Als iemand uit noodzaak in de openbare ruimte slaapt of zijn behoefte doet, is een boete geen oplossing.  

Met deze handvatten wil het College gemeenten ondersteunen bij het respecteren van de mensenrechten van dak- en thuisloze mensen én het leefbaar houden van de openbare ruimte. Op uitnodiging van de VNG gaat het College tijdens het Najaarsfestival THUIS met gemeenteambtenaren in gesprek over een menswaardige aanpak. Daarna zet het deze gesprekken op verschillende plekken in het land voort.

Het stoppen met deze boetes staat niet op zichzelf. Dakloosheid kan niet per gemeente worden opgelost. Een samenhangende aanpak vraagt om samenwerking tussen gemeenten, waarbij zij kennis en ervaringen delen over een menswaardige aanpak van dakloosheid. In het onderzoek dat in opdracht van het College is uitgevoerd, staan goede voorbeelden van samenwerking tussen het zorg- en veiligheidsdomein binnen gemeenten.

Dakloosheid voorkomen en beëindigen

Een boete geeft iemand geen woonplek en lost dakloosheid niet op. Bovendien kan een boete iemand verder in de problemen brengen. Het is belangrijk dat het de rijksoverheid en gemeenten vol inzetten op het voorkomen en beëindigen van dakloosheid, zoals afgesproken in het Nationaal Actieplan Dakloosheid – Eerst een Thuis. Daarvoor is het noodzakelijk dat de rijksoverheid de landelijke randvoorwaarden schept, zoals voldoende passende en betaalbare huisvesting en voldoende financiële middelen voor gemeenten. Gemeenten spelen een belangrijke rol in preventie, ondersteuning en voorzieningen.

Voor mensen die toch op straat terechtkomen, zijn contact, ondersteuning en zo snel mogelijk perspectief op huisvesting essentieel. Een stabiele woonplek biedt de basis om andere problemen aan te pakken en bestaanszekerheid op te bouwen. De handvatten van het College bieden gemeenten houvast om de openbare ruimte leefbaar te houden op een manier die recht doet aan de mensenrechten van dak- en thuisloze mensen.

Ook landelijk blijft de aanpak van dakloosheid op de agenda. Op 11 november bespreekt de Tweede Kamer de voortgang van het Nationaal Actieplan Dakloosheid en de aanpak Beschermd Thuis. Het College brengt voor dit debat aandachtspunten naar voren over de aanpak van dakloosheid en de dilemma’s die gemeenten daarbij ervaren.