Gemeente Oss discrimineert met uitsterfbeleid woonwagenbewoning

22 december 2014 - Laatste update 27 januari 2016

De gemeente Oss discrimineert woonwagenbewoners door een uitsterfbeleid te voeren voor woonwagenbewoning. Dat oordeelt het College voor de Rechten van de Mens in twee zaken aangespannen door woonwagenbewoners. Het uitsterfbeleid tast de kern van de woonwagen cultuur aan. Leven in woonwagens is namelijk een essentieel onderdeel van deze cultuur.

Gemeente Oss discrimineert met uitsterfbeleid woonwagenbewoning

De gemeente Oss telt 13 woonwagenkampen met in totaal 60 standplaatsen. Iedere standplaats die vrijkomt wordt door de gemeente ontmanteld. Standplaatsen komen vrij doordat de bewoner overlijdt of vertrekt. Volgens de gemeente gaat het goed met de groep woonwagenbewoners, maar zijn de kosten voor de locaties te hoog. De gemeente maakt niet duidelijk waarom het financiƫle argument voor alle locaties moet gelden. Ook is de gemeente niet bereid de grond aan de bewoners te verkopen.

Door het beleid van de gemeente kunnen de kinderen van de woonwagenbewoners niet zelfstandig in een woonwagen wonen. Gevolg is dat steeds minder mensen in woonwagens kunnen wonen en de woonwagencultuur uiteindelijk verdwijnt. Dit is in strijd met de gelijkebehandelingswetgeving en het Internationale Verdrag inzake de uitbanning van alle vormen van rassendiscriminatie. Daarom brengt het College de oordelen onder de aandacht van de Vereniging Nederlandse Gemeenten en minister Blok.

Lees de samenvatting en het oordeel (2014-165)

Lees de samenvatting en het oordeel (2014-166)

Lees de samenvatting en het oordeel (2014-167)