Taaleisen in de zorg: wat mag wel, wat mag niet?

16 oktober 2015 - Laatste update 27 januari 2016

Onlangs deed het College voor de Rechten van de Mens uitspraak in een zaak over het stellen van een taaleis in de zorg. Een zorginstelling zocht een huishoudelijke hulp die zowel Nederlands als Turks spreekt. Maar mogen zorginstellingen zulke taaleisen eigenlijk wel stellen? Het College krijgt vaker zaken voorgelegd waarin deze vraag aan de orde is. Daarom hierbij een overzicht van wat er wel en wat er niet mag.

Taaleisen in de zorg: wat mag wel, wat mag niet?

Is er een goede reden voor de taaleis?

Met een taaleis sluit een organisatie sollicitanten uit die de taal niet spreken. Het gaat dan vaak om mensen die niet uit het land waar de taal gesproken wordt komen. Dit is toegestaan op voorwaarde dat daar een goede reden voor is. De zorginstelling die zocht naar een hulp die naast Nederlands ook Turks spreekt heeft te maken met hoogbejaarde, alleenstaande mensen. Veel van hen zijn analfabeet en hebben weinig sociale contacten. Om goede zorg te bieden en op tijd gezondheidsproblemen te signaleren is het noodzakelijk dat de hulp met de cliƫnt in de moedertaal kan communiceren. Daarom oordeelde het College dat de zorginstelling niet discrimineerde met de taaleis.

Lees het oordeel 2015-107

De afkomst van het personeel kan geen functie-eis zijn

In 2014 plaatste een zorginstelling op haar website een vacature waarin zij vroeg naar een Hindoestaanse verzorgende, een Marokkaanse verpleegkundige en een Turkse woonbegeleider. De zorginstelling vroeg het College om te beoordelen of deze wijze van werven is toegestaan. Het College oordeelde dat de instelling hiermee discrimineerde omdat in de vacature direct werd verwezen naar de afkomst van de sollicitanten. Afkomst kan nooit een functievereiste zijn voor een zorgmedewerker.

Lees het oordeel 2014-19

Uitdagingen voor zorginstellingen

Om specifieke doelgroepen te bereiken en goede zorg te bieden zijn zorginstellingen op zoek naar passend personeel. Personeel dat de taal van een doelgroep beheerst en de cultuur kent kan zorgtaken beter en gerichter uitvoeren. De uitspraken hierboven illustreren dat functie-eisen in de zorg goed onderbouwd moeten zijn en dat een specifieke afkomst geen rol mag spelen. Organisaties die twijfelen of de functie-eisen voldoen aan de gelijkebehandelingswetgeving kunnen het College vragen om deze te beoordelen. Meer informatie over een zogenoemd verzoek om een oordeel omtrent eigen handelen kunt u vinden op de website van het College.

Lees soortgelijke uitspraken van het College:

Lees het oordeel: 2014-118

Lees het oordeel: 2014-43