Toegelicht

Gepubliceerd 31 oktober 2017, 15:19 en laatst aangepast 06 november 2017, 15:00

The State of Housing in the EU 2017

Op 17 oktober publiceerde Housing Europe hun tweejaarlijkse rapportage over huisvesting in de EU: The State of Housing in the EU 2017. De rapportage van Housing Europe bevat interessante conclusies over de mate waarin in de EU, inclusief Nederland specifiek, het recht op adequate huisvesting wordt bevorderd. De conclusies zijn zorgwekkend en zitten op één lijn met conclusies die het College eerder trok in de Jaarrapportage 2016.

Wat speelt er?

Cédric van Styvendael, president van Housing Europe, was duidelijk in zijn commentaar bij het rapport. Volgens hem is huisvesting een belangrijke indicator om na te gaan of het optimisme over het economisch herstel ook een positieve impact heeft op de dagelijkse realiteit van mensen. Met name de mensen die mede door de crisis in grote problemen zijn gekomen. Het rapport van Housing Europe geeft duidelijk aan dat er nog steeds sprake is van serieuze uitdagingen in huisvesting. Om deze aan te gaan is een grote(re) mate van politieke wil en investering nodig.

Huizenprijzen stijgen veel meer dan de inkomens van mensen. De betaalbaarheid van huisvesting is daarom een probleem. Nederland blijkt een van de landen waar huishoudens het grootste deel van hun inkomen aan huisvesting uitgeven. Veel huishoudens besteden zelfs meer dan 40% van hun inkomen aan huisvesting. Huishoudens die al een risico op armoede hebben, met name in de sociale huursector, worden buitenproportioneel zwaar getroffen.

De beschikbaarheid van woningen in steden in Nederland is zeer problematisch. De andere kant van de medaille is dat in landelijke gebieden er juist sprake is van een leegloop hetgeen consequenties heeft voor de leefomgeving daar.

In de hele EU is het aantal daklozen sterk gestegen. In Nederland is tussen 2013 en 2016 een stijging van 24% geregistreerd. Daarbij is het opvallend dat er steeds meer jonge mensen dakloos worden.

Wat heeft dit met mensenrechten te maken?

Het recht op huisvesting is als grondrecht vastgelegd in de Nederlandse Grondwet (art. 22). De belangrijkste bepalingen in regionale en internationale verdragen zijn te vinden in het Europees Sociaal Handvest (herzien) (art.31) en het IVESCR (art. 11 lid 1).

De overheid heeft verplichtingen die voortvloeien uit het recht op huisvesting. De overheid moet het recht op huisvesting respecteren, beschermen en bevorderen en ervoor zorgen dat niemand in de toegang tot dit recht wordt gediscrimineerd. De inhoud van het recht wordt duidelijker door de verplichtingen te bespreken aan de hand van beschikbaarheid, aanvaardbaarheid, kwaliteit en toegankelijkheid.

Er moet voor gezorgd worden dat er voldoende huisvesting beschikbaar is voor iedereen. Huisvesting moet toegespitst zijn op de benodigdheden en behoeften van specifieke groepen, zoals ouderen, mensen met een beperking en mensen die uit de maatschappelijke opvang uitstromen (aanvaardbaarheid en toegankelijkheid).

In termen van kwaliteit gaat het om de fysieke veiligheid en gezondheid van mensen. Een huis moet beschermen tegen vocht, kou, warmte, regen, wind. Huisvesting moet toegang bieden tot gezondheidsdiensten, scholen en andere sociale faciliteiten. Er mag niet gebouwd worden op vervuilde grond en in nabijheid van vervuilende bronnen.

Iedereen moet toegang hebben tot huisvesting. Het gaat dan, onder andere, om fysieke en financiële toegankelijkheid (betaalbaarheid). De overheid moet hiervoor maatregelen nemen zoals het instellen van subsidies, het beschikbaar maken van betaalbare huisvesting en beschermen tegen disproportionele huurverhogingen.

Wat doet het College?

Huisvesting is een primaire levensbehoefte. Het recht op huisvesting is een fundamenteel mensenrecht en een cruciaal onderdeel van het recht op een behoorlijke levensstandaard. Het College heeft specifieke aandacht voor het recht op huisvesting in samenhang met armoede. Zo zijn problemen met het recht op huisvesting vaak oorzaken van armoede. Armoede heeft vervolgens grote consequenties op het recht op huisvesting. Hoe dit zich tot elkaar verhoudt, heeft het College geanalyseerd in de Jaarlijkse Rapportage 2016 over armoede, sociale uitsluiting en mensenrechten.

Naast huisvesting heeft het College aandacht besteed aan het recht op een behoorlijke levenstandaard, arbeid, gezondheid en onderwijs. Problemen met de uitoefening van deze rechten kunnen zowel oorzaak als gevolg zijn van armoede.

Het College pleit dan ook voor een centrale plaats van mensenrechten in het armoedebeleid waarbij naast de nadruk op inkomen en arbeid ook aandacht is voor gezondheidszorg, onderwijs en huisvesting voor mensen in armoede of met risico op armoede. Een armoedebeleid dat de samenhang van deze problemen benadrukt is een eerste stap tot het weg nemen van grondoorzaken van armoede en oorzaken van langdurige armoede.

Meer informatie:

Tags

Trefwoord: