Oordelen

Asito B.V. maakt jegens een man verboden onderscheid op grond van politieke gezindheid door hem over te plaatsen naar een andere werklocatie na een incident op de school waar hij werkte.

Oordeelnummer 2012-172
15-11-2012
lees verder

Samenvatting

Situatie

Een man is lid van de politieke partij, de Nederlandse Volks Unie (NVU). Hij is als schoonmaker in dienst van Asito B.V. Hij voert zijn werk uit op een school, het ROC van Twente. De man doet mee aan een demonstratie van de NVU, en wordt tijdens de demonstratie geïnterviewd door de regionale TV-zender. Op de vrijdag er na maakt een groep leerlingen in het schoolrestaurant de man, ondertussen roffelend op de tafels, uit voor ‘nazi’. De man meldt dit bij de beveiliging van de school. Hij vertelt daarbij ook wat de waarschijnlijke aanleiding van het incident is: van de demonstratie en zijn interview is een filmpje geplaatst op internet. De beveiliging licht hierover de school in. De school meldt het incident vervolgens aan Asito B.V. en zegt dat hij niet kan instaan voor de veiligheid van de man op school. De maandag volgend op de vrijdag van het incident vertelt Asito B.V. de man dat hij niet meer op de school kan werken en dat hij wordt overgeplaatst naar een andere locatie, buiten de school. De man heeft ook een verzoek ingediend over het handelen van de school. Daarover heeft het College het oordeel met het nummer 2012-171 vastgesteld.

Oordeel College voor de Rechten van de Mens

Het College spreekt als oordeel uit dat Asito B.V. jegens de man verboden onderscheid op grond van politieke gezindheid heeft gemaakt bij de arbeidsomstandigheden.

Toelichting

De man heeft feiten aangevoerd die kunnen doen vermoeden dat Asito B.V. hem niet meer op de school laat werken vanwege zijn politieke overtuiging. Onbetwist is dat leerlingen de man voor nazi hebben uitgemaakt. De school heeft daarover contact opgenomen met Asito B.V.. Asito B.V. neemt daarop het besluit om de man niet meer op de school te laten werken. Op dat moment was Asito B.V. bekend met de politieke overtuiging van de man. Asito B.V. bewijst niet dat zij niet in strijd met de AWGB heeft gehandeld. Asito B.V. zegt dat de situatie onveilig was en dat de situatie, onder meer door sociale media, zou zelfs kunnen escaleren. Maar Asito B.V. heeft deze inschatting gemaakt zonder onderzoek te doen. Het ging om één incident. Asito B.V. heeft niet bij de school aangedrongen op onderzoek om de ernst van de situatie te bepalen. Asito B.V. heeft evenmin eerst met de man gesproken voordat zij haar besluit nam. Dat terwijl de man juist zegt dat hij zich niet onveilig voelde. Los van de beantwoording van de vraag of al dan niet sprake was van een onveilige situatie, heeft Asito B.V. te weinig onderzoek gedaan om de man om deze reden over te plaatsen. Bovendien heeft Asito B.V. nu de gevolgen van het incident geheel bij de man gelegd. Het feit dat Asito B.V. de arbeidsovereenkomst met de man heeft voortgezet kan niet tot een ander oordeel leiden. Niet doorslaggevend is of Asito B.V. al dan niet problemen heeft met de politieke gezindheid van de man, maar of Asito B.V. zorgvuldig heeft gehandeld na discriminatie door leerlingen op de school. Het gaat om een uit de AWGB voortvloeiende verplichting aan een werkgever om werknemers te beschermen tegen discriminatie.

Grond:

Terrein:

Trefwoord:

Wetsartikel

Dictum: