Oordelen

Hewlett-Packard Nederland B.V. heeft tegenover een sollicitant met de Cubaanse nationaliteit verboden onderscheid op grond van nationaliteit gemaakt door hem af te wijzen voor een functie.

Oordeelnummer 2012-13
20-01-2012
Nationaliteit
lees verder

Samenvatting

Situatie

Een man met de Cubaanse nationaliteit solliciteert bij Hewlett-Packard Nederland B.V., hierna: HP. Na een telefonisch interview wordt hij uitgenodigd voor een assessmentdag. Op de assessmentdag blijkt dat de sollicitant de Cubaanse nationaliteit heeft. Om die reden beëindigt HP de sollicitatieprocedure en vraagt hem het gebouw direct te verlaten. HP voert aan dat zij een dochteronderneming is van het Amerikaanse bedrijf HP en dat het moederbedrijf gebonden is aan de Amerikaanse wet Export Control Act en de Amerikaanse International Traffic in Arms Regulations. Om aan deze Amerikaanse wetgeving te kunnen voldoen is de procedure ontwikkeld die onder andere eisen stelt aan indiensttreding van personen met een niet-Nederlandse nationaliteit. Als een sollicitant een niet-Nederlandse nationaliteit heeft, dan moet HP controleren of de sollicitant afkomstig is uit een van de landen die op de Restricted Parties List staat. Is dat het geval, dan heeft HP toestemming van de HP Global Trade afdeling nodig. Zonder toestemming krijgt de sollicitant geen toegang tot het HP gebouw en kan de sollicitatieprocedure niet worden voortgezet.

Oordeel Commissie

De Commissie Gelijke Behandeling oordeelt dat Hewlett-Packard Nederland B.V. tegenover de sollicitant verboden onderscheid heeft gemaakt bij zijn sollicitatie.

Toelichting

Ter zitting erkent HP dat zij tegenover de sollicitant direct onderscheid heeft gemaakt op grond van nationaliteit. HP voegt daaraan toe dat als de procedure juist was uitgevoerd er geen sprake zou zijn geweest van onderscheid. Hoewel de sollicitatieprocedure ten aanzien van personen uit een van de landen die op de lijst staan langer duurt in verband met de benodigde toestemming, worden deze personen na verkregen toestemming hetzelfde behandeld als de andere sollicitanten. Vast staat dat de sollicitatieprocedure met de sollicitant is beëindigd omdat hij de Cubaanse nationaliteit heeft. Dit levert direct onderscheid op grond van nationaliteit op, nu HP de sollicitant vanwege zijn nationaliteit anders heeft behandeld dan een ander in een vergelijkbare situatie. Direct onderscheid is verboden tenzij een van de wettelijke uitzonderingen van toepassing is; een daarvan is dat het verbod van onderscheid op grond van nationaliteit niet geldt als het onderscheid is gebaseerd op algemeen verbindende voorschriften of op geschreven of ongeschreven regels van internationaal recht. De Amerikaanse Arms Export Control Act en de Amerikaanse International Traffic in Arms Regulations zijn dat niet. HP maakt dan ook verboden onderscheid op grond van nationaliteit door de sollicitant af te wijzen voor de functie vanwege zijn Cubaanse nationaliteit. Ten overvloede overweegt de Commissie dat ook als de juiste procedure was gevolgd, er sprake zou kunnen zijn van verboden onderscheid op grond van nationaliteit.

Grond:

Terrein:

Trefwoord:

Wetsartikel

Dictum: